‘“Whatever it takes”: crisisvergadering regering-De Wever over hogere defensie-uitgaven dringt zich op’

© Belga
Ewald Pironet
Ewald Pironet Senior writer

België zal zijn defensie-inspanning opbouwen naar minstens 2 procent van het bbp, ‘whatever it takes’, zegt premier Bart De Wever. Daarmee komt België, dat geen financiële buffer heeft, in een perfecte storm terecht, want de vergrijzingskosten stijgen en er is ook nog de klimaatopwarming. De regering-De Wever moet dringend samenkomen om te zeggen hoe ze alles zal financieren.

5 maart 2025 wordt een datum voor de geschiedenisboeken. Niet alleen in Duitsland, waar de partijen die onderhandelen over een regeringscoalitie al zijn overeengekomen dat ze miljarden gaan investeren in defensie. Ze willen daarvoor zelfs de Duitse grondwet aanpassen, die mogelijke tekorten op de begroting strikt beperkt.

‘Nu de vrijheid en vrede op ons continent worden bedreigd, moet voortaan ook voor onze verdediging gelden: whatever it takes.’ Dat zei Friedrich Merz, die wellicht de nieuwe Duitse bondskanselier wordt.

Maar ook in België zal 5 maart 2025 een belangrijke datum blijken te zijn. Premier Bart De Wever (N-VA) heeft zich achter de ‘whatever it takes’-uitspraak van Duitsland geschaard. Ook België wil alles doen wat nodig is voor vrede en veiligheid in Europa. 

De frase ‘whatever it takes’ gaat terug op een uitspraak van toenmalig ECB-voorzitter Mario Draghi die op 26 juli 2012 zei dat hij ‘whatever it takes’ zou doen om de eurocrisis te bezweren. En zo geschiedde. Vandaag wordt de slagzin gebruikt om te zeggen dat de defensiebudgetten serieus zullen worden opgetrokken om de vrede en veiligheid in Europa te bewaren. 

Concreet wil België de defensie-investeringen verhogen naar 2 procent en zelfs 2,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Nu zit België aan 1,3 procent, waarmee het een van de slechtste leerlingen van de NAVO-klas is. Om naar 2 procent te gaan, moet België volgens de NAVO-berekeningen 4,5 miljard extra investeren, om naar 2,5 procent te gaan zelfs 8 miljard euro extra.

Geen buffer

Misschien klinkt een verhoging van 0,7 procentpunt van het bbp om tot 2 procent te raken niet als een groot bedrag of een zware inspanning. Voor landen als Nederland of Duitsland valt zo’n inspanning ook mee, zij beschikken over een financiële buffer: zij hebben in het verleden spaarzaam omgesprongen met de overheidsfinanciën en kunnen ook makkelijk geld lenen als ze dat willen. De schuldgraad van Nederland bedraagt 43 procent van het bbp, van Duitsland 62 procent. 

België behoort ook op dit vlak tot de slechtste van de klas met een schuldgraad van 108 procent. Voor ons land is het al moeilijk – lees: duurder – om geld te lenen.

Nu heeft Europa al te kennen gegeven dat het zal toelaten dat de lidstaten meer schulden maken voor hun defensie-uitgaven. Dat klinkt bij Belgische ministers als muziek in de oren. Ze geven daarbij de indruk dat het voor België geen enkel probleem is om nog meer schulden aan te gaan. Dat is natuurlijk niet zo, zoals de Gentse econoom Gert Peersman ook al op X zei: ‘Landen zoals Duitsland of Nederland kunnen dit ook perfect aan, maar België heeft die buffer gewoonweg niet (integendeel).’

Buiten begroting

Er is sprake van dat de defensie-uitgaven van Europa buiten de begroting gehouden mogen worden, omdat de oorlogsdreiging te uitzonderlijk ernstig is. Zoals eerder hier geschreven, horen daar twee opmerkingen bij. Eén: zullen de landen al hun uitgaven voor veiligheid uit de begroting mogen houden? De Duitse minister van Financiën pleitte er al voor om alleen de militaire uitgaven boven de 2 procent buiten de begroting te houden. België, dat nog lang niet aan de 2 procent zit, zou daarvan dus niet meteen gebruik kunnen maken.

Twee, en fundamenteler: ook uitgaven die buiten de begroting worden gehouden kosten geld. Met andere woorden, ook als de defensie-uitgaven buiten de begroting vallen, zal de regering-De Wever nog steeds op zoek moeten naar meer geld. Geld dat er nu niet is, want we hebben geen buffer.

Geen covid

De drastische verhoging van onze defensiebudgetten is van een heel andere orde dan de financiële inspanning die onze regeringen deden om tijdens de coronacrisis de economie en de burgers overeind te houden. Toen ging het om een eenmalige financiële inspanning, nu gaat het om een inspanning die elk jaar zal terugkomen: elk jaar zal dat hogere bedrag naar defensie moeten gaan, het is een lopende of recurrente uitgave.

Er wordt ook gesproken over het verkopen van sommige overheidsparticipaties en het oprichten van een defensiefonds, met daarin allerlei bedrijven die dividend moeten opleveren. Maar dat is niet meer dan een verschuiving: ook als ze niet in een fonds zouden worden ondergebracht,  zouden deze participaties geld hebben opgeleverd. Bovendien kun je de overheidsparticipaties ook maar één keer verkopen. Het oprichten van een defensiefonds is niet meer dan verpakking, het is geen structurele oplossing.

De regering-De Wever denkt er ook over om voor de verhoging van de defensie-uitgaven meer schulden aan te gaan. Dat terwijl onze schuldgraad al zo hoog is. Soms wordt er al gesproken om daarvoor speciale staatsobligaties uit te geven, maar ook dat betekent dat de overheid meer schulden aangaat. 

Peersman en andere economen beklemtonen dat je voor lopende uitgaven niet moet gaan lenen, je moet ze betalen met lopende inkomsten, dus meer belastingen of besparingen. Dat is een heel ander verhaal dan je nu hoort bij de regering-De Wever. We komen er dadelijk op terug.

Hogere rente

Er is nog een belangrijk verschil met covid. Toen  kon de Belgische overheid nog lenen tegen nul procent rente. Vandaag is dat rond de drie procent. En de rente stijgt. Omdat alle Europese overheden nu verklaren dat ze meer geld zullen investeren in defensie, slaan alle overheden aan het lenen en stijgt de rente.

Nadat Duitsland had verklaard dat het de defensie-uitgaven ‘whatever it takes’ zal verhogen, steeg de Duitse rente met 0,30 procentpunt tot 2,79 procent. Het is geleden van november 2011 dat de rente op één dag zo  fluks steeg. Ook de Belgische rente steeg gisteren en wel met 0,26 procent tot 3,33 procent. Dat wil zeggen dat België in de toekomst meer zal moeten betalen als het gaat lenen. 

De verhoging van onze rente is alleen maar het gevolg van de verklaringen van De Wever dat België de defensie-uitgaven ‘whatever it takes’ zal verhogen. Het is niet zo dat de financiële markten onze slechte overheidsfinanciën al in het vizier namen en daarom de rente optrokken. Als dat gebeurt, zal de rente voor ons nog meer stijgen.

Er is lang voor gewaarschuwd, maar op 5 maart 2025 is het gebeurd: onze rente op onze overheidsschuld is fors gestegen. Als België in de toekomst 0,30 procent meer moet betalen om te lenen, dan betekent dit een meeruitgave van 2 miljard euro. Er even aan herinneren dat er in de budgettaire tabellen bij het regeerakkoord sprake van is om 300 miljoen euro te besparen op de rente-uitgaven. Dat cijfer zal alvast niet meer kloppen.

Vredesdividend

De uitspraak van premier De Wever dat België de defensie-uitgaven zal verhogen, is te begrijpen. België heeft sowieso een achterstand op de andere landen: we hebben tien jaar geleden al beloofd dat we vandaag 2 procent van het bbp aan defensie zouden besteden, maar we zijn die belofte als een van de weinige NAVO-landen niet nagekomen. Andere NAVO-landen staken wél meer geld in defensie, maar hadden dat geld, net als België, ook aan andere zaken kunnen besteden.

Het pijnlijke is dat België het zogenaamde ‘vredesdividend’, de minder uitgaven voor defensie na de val van de Muur, en het geld van de gebroken NAVO-beloftes niet heeft gebruikt om bijvoorbeeld de vergrijzingskosten op te vangen. We zijn niet klaar om de uitgaven voor pensioenen en gezondheidszorg, die de volgende jaren nog zullen stijgen, op te vangen. En daarnaast zal er ook overheidsgeld nodig zijn om de gevolgen van  de klimaatopwarming op te vangen en de energietransitie door te voeren. Al dat geld is er niet, integendeel, we hebben vooral veel overheidsschulden.

Komt daar nu dus de verhoging van de defensie-uitgaven bij, wat maakt dat België met zijn slechte overheidsfinanciën meer dan andere landen in een perfecte storm zit. Die perfecte storm heeft ons land op 5 maart 2025 bereikt. Dat komt bovenop het financieel ongeloofwaardig regeerakkoord van de regering-De Wever, waarin de terugverdieneffecten gebaseerd zijn op opportunistisch nattevingerwerk. 

De begroting wordt pas tegen eind deze maand verwacht, maar de budgettaire tabellen waren alvast ongeloofwaardig. Daar komen nu dus nog de extra defensie-uitgaven bij. ‘Zonder extra besparingen of belastingen tegen 2029 is de verhoging van het Belgische defensiebudget onverantwoord’, tweette Peersman en zo is het maar net.

De topministers van de regering-De Wever zouden het best deze week nog aan tafel gaan zitten om uit te vlooien waar ze al het geld zullen halen. Het is hun schuld niet dat België geen financiële buffer heeft en kampt met een hoge staatsschuld, maar ze hebben wel de verantwoordelijkheid om duidelijk te maken waar ze al het geld zullen halen. Whatever it takes. 

Lees meer over:

Partner Content