Charlotte Van Coevorden
‘Als activisme politieke esthetiek wordt, verdiept het juist de kloven die het beweert te bestrijden’
‘Te vaak richten Belgische activisten zich meer op ideologische profilering dan op het moeilijke, confronterende werk van samenwerken met Palestijnse en Israëlische activisten die op het terrein oplossingen uitbouwen’, schrijft activiste Charlotte Van Coevorden.
“I speak up for Palestine,” maar ik maak me steeds meer zorgen over hoe Westers activisme de zaak kadert. Te vaak steunen deze inspanningen op symbolische gebaren zonder tastbare impact en fetisjeren ze slachtofferschap op een manier die eerder paternalisme versterkt dan echte solidariteit. Campagnes kunnen bewustwording creëren, maar echte vooruitgang vraagt meer dan enkel gebaren—het vergt volgehouden actie, beleidsverandering en, vooral, de inclusie van alle stemmen, zeker die van de mensen die rechtstreeks door het conflict getroffen zijn.
Westers activisme en de rol van de media
Neem het recente initiatief van Oxfam. Ik waardeer de sobere toon van de campagne —zeker na anderhalf jaar polariserende retoriek—maar het gebruik van bekende Vlamingen als gimmick om acties zoals de opschorting van het EU-Israël Associatieakkoord en een verbod op import uit illegale nederzettingen te promoten, roept vragen op.
Hoewel deze maatregelen noodzakelijk zijn, versterkt de campagne een binair narratief en duwt ze vaak de stemmen opzij van Palestijnen en Israëli’s die werken aan een gedeelde toekomst. De echte strijd voor vrede en gerechtigheid laat zich niet herleiden tot simpele slogans of symbolische acties—ze vereist een genuanceerde aanpak die de complexiteit van de regio erkent en de stemmen versterkt van degenen die de realiteit op het terrein beleven.
Hier speelt de media een doorslaggevende rol. In plaats van een platform te bieden aan mensen met directe ervaring, ligt de focus vaak op campagnes met beroemdheden of sociale media-spektakels. Het is eenvoudiger om West-Europese figuren krachtige statements te laten maken dan om het moeilijke en vaak ongemakkelijke werk van activisten op het terrein in beeld te brengen.
Wanneer prominente Vlamingen beweren dat ze “zichtbaarheid geven” aan de Palestijnse zaak, vraag ik me af: wat bedoelen ze daar precies mee? Willen ze zeggen dat Palestina tot nu toe onzichtbaar was? Die bewering houdt geen steek. De Palestijnse zaak heeft al lang een platform—vaak met grote persoonlijke risico’s voor wie zich ervoor inzet.
Toch presenteert Westers activisme zichzelf keer op keer als baanbrekend, vooral wanneer zelfvoldane mediabelangstelling de focus verlegt van de eigenlijke strijd naar degenen die er hun solidariteit mee uiten.
Dit is een fundamenteel probleem. Het wist decennia aan grassroots-activisme door Palestijnse stemmen en gemarginaliseerde gemeenschappen uit—stemmen die al jaren vechten voor gerechtigheid en daarbij vaak genegeerd of onderdrukt worden.
Selectieve solidariteit en de prijs van nuance
Als Joodse persoon weet ik dat sommigen mijn standpunt zullen interpreteren als ongemak met activisme voor Palestina. En ergens hebben ze gelijk. Ik voel me ambivalent, omdat de spanningen in de regio het ook voor Joodse gemeenschappen hier moeilijker maken.
Maar wat me nog ongemakkelijker maakt, is dat de beroemdheden en publieke figuren die zich uitspreken niets riskeren—integendeel, ze worden gevierd om hun “moed.” Ondertussen worden Palestijnse en Joodse organisaties die absolute narratieven doorbreken en écht werken aan een genuanceerde toekomst genegeerd of gemarginaliseerd.
Neem het Joods Museum in Brussel als voorbeeld. In maart 2024 publiceerde het een diep genuanceerde verklaring over de catastrofale escalatie van geweld in Israël en Gaza. De backlash was enorm, met zelfs Joodse organisaties die alle banden verbraken. Tegelijkertijd werd het museum sindsdien herhaaldelijk het doelwit van antisemitische incidenten. Toch blijft hun werk grotendeels genegeerd door de mainstream media. Niemand haast zich om hun moed te vieren, laat staan de reële uitdagingen te erkennen waarmee ze geconfronteerd worden.
Hetzelfde geldt voor talloze Palestijnse en Joodse activisten die zich verzetten tegen simplistische narratieven en werken aan oplossingen die niet in een virale slogan passen. Tot voor kort lag de mainstream focus nog op oplossingen, vooral via het twee-statenmodel. Vandaag is dat perspectief grotendeels verdrongen door absolutisme.
Dit activisme versterkt vaak het idee dat een oplossing kan worden bereikt zonder rekening te houden met Israël—een aanpak die simpelweg niet realistisch is. Het probleem ligt niet per se bij economische druk of boycotmaatregelen, maar bij het gebrek aan een concreet plan voor wat er daarna moet gebeuren. Zonder een duidelijke politieke visie dreigen deze acties het conflict eerder te verlengen dan op te lossen.
Het spektakel van activisme
Westers activisme, vooral in de media, positioneert Westerse figuren vaak als “redders” en duwt de mensen die het meest getroffen worden naar de zijlijn. Sociale media hebben activisme zichtbaarder gemaakt, maar ook oppervlakkiger. Een keffiyeh, een slogan, een donatie—het zijn krachtige symbolen, maar zonder echte betrokkenheid blijven het slechts dat: symbolen. Te vaak richten Belgische activisten zich meer op ideologische profilering dan op het moeilijke, confronterende werk van samenwerken met Palestijnse en Israëlische activisten die op het terrein oplossingen uitbouwen.
Dit gaat niet alleen over Palestina, maar over de oprechtheid van activisme. Ware solidariteit betekent consequent opkomen voor gerechtigheid—of het nu gaat om Palestijnse rechten, de strijd tegen racisme hier, of andere mondiale kwesties. Toch lijkt veel Westers activisme eerder gedreven door de drang naar morele zuiverheid dan door een diepgewortelde inzet voor duurzame verandering. Die onevenwichtige dynamiek vertekent het debat: Palestijnse, Joodse en doorgewinterde activisten moeten voortdurend hun legitimiteit bewijzen, terwijl nieuwkomers moeiteloos media-aandacht krijgen. Dat ondermijnt de zaak en leidt af van het échte werk voor gerechtigheid en verzoening.
Van spektakel naar inhoud
Activisme moet in essentie de macht uitdagen en streven naar tastbare verandering. Wanneer het echter vervalt in politieke esthetiek, verdiept het de kloven die het beweert te bestrijden. Solidariteit met Palestina is van cruciaal belang, maar moet gestoeld zijn op inhoud, niet op spektakel.
Als Westerse figuren werkelijk een bijdrage willen leveren, moeten zij—en de media—minder bezig zijn met hun eigen positionering en meer met het versterken van het werk van degenen die rechtstreeks in de strijd staan. Echte solidariteit vraagt om een helder en uitvoerbaar toekomstbeeld—niet enkel gebaren of headlines.
Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier