International Fact-Checking Day: ‘Factchecks worden beter aanvaard als ze minder belerend zijn’

© Getty
Lotte Lambrecht
Lotte Lambrecht Journalist en factchecker

Ook factcheckers hebben hun feestdag. Op 2 april – niet toevallig de dag na 1 april – wordt elk jaar International Fact-Checking Day gevierd. Hebben factcheckers reden om te feesten? Of wordt hun toekomst bedreigd door AI en Mark Zuckerberg?  

Als factchecking tien jaar geleden nog een obscure journalistieke niche was, is het genre vandaag tot een volwaardig journalistiek genre uitgegroeid. Die ontwikkeling heeft alles te maken met de actualiteit van de afgelopen jaren, zegt Michaël Opgenhaffen, professor journalistiek aan de KU Leuven. ‘De verkiezingsoverwinning van Donald Trump in 2016, de coronacrisis en de oorlogen in Oekraïne en Gaza hebben de verspreiding van desinformatie online aangezwengeld.’ Het heeft ervoor gezorgd dat factchecks alomtegenwoordig zijn. 

‘Trump, corona, Gaza en Oekraïne hebben van factchecking een volwaardig journalistiek genre gemaakt.’

Bovendien zijn de onderwerpen die aan bod komen binnen een factcheck uitgebreid. Opgenhaffen: ‘Factchecking is van nature een politiek genre, maar heeft zich de afgelopen jaren naar andere maatschappelijke onderwerpen, zoals klimaatverandering en gezondheid, uitgebreid. Dat heeft het genre ongetwijfeld verrijkt’, zegt Opgenhaffen. ‘Ondertussen maakt factchecking ook deel uit van journalistieke opleidingen en is er ook binnen de academische wereld steeds meer onderzoek naar.’

Einde factcheckingprogramma

Recent besliste Meta, het moederbedrijf van Facebook en Instagram, om zijn factcheckingprogramma in de VS te beëindigen. In plaats daarvan werkt het bedrijf met community notes, zoals het geval is op X, voorheen Twitter. De keuze van baas Mark Zuckerberg lijkt vooral politiek ingegeven. De Amerikaanse president Donald Trump liet zich in het verleden al meerdere malen ontvallen dat factchecking gelijkstaat aan censuur. 

In Europese landen blijft het programma vooralsnog van kracht, maar de vraag is hoelang nog. Onder de Europese Digital Services Act (DSA) dienen sociale mediaplatformen die actief zijn binnen de EU desinformatie op hun platformen te bestrijden. ‘Maar hoe ze dat doen, is aan hen’, zegt Opgenhaffen, die er niet aan twijfelt dat de EU haar wetgeving zal handhaven. ‘Maar hoe zal de EU die inspanningen monitoren? En wanneer volstaan die?’ Die monitoring wordt bemoeilijkt door het feit dat er ook weinig geweten is over de precieze werking van sociale mediaplatformen.’

‘Om relevant te blijven, moeten factcheckers zich voortdurend aanpassen aan de manier waarop informatie in de toekomst wordt verspreid.’

Kwetsbare jongeren

In de video waarin Meta-baas Mark Zuckerberg het einde van het programma aankondigde, stelde ook hij factchecken gelijk aan censuur. Opgenhaffen heeft vragen bij die beleidsverandering: ‘Platforms zoals Facebook hebben een grote verantwoordelijkheid als het gaat om de verspreiding van informatie. Vooral kwetsbare groepen, zoals jongeren, kunnen gevoelig zijn voor misleidende claims. In tegenstelling tot wat Zuckerberg zegt, biedt een factcheck juist duiding en context.’

Bij politici en hun aanhangers kunnen factchecks niet altijd op evenveel enthousiasme rekenen. ‘Factchecks kunnen als kritiek ervaren worden, en dat kan leiden tot weerstand’, zegt Opgenhaffen. Daarom pleit hij voor een verschuiving naar meer context en duiding, in plaats van het enkel corrigeren van onwaarheden. ‘Een factcheck met meer uitleg en een minder belerend karakter zal misschien beter ontvangen worden.’

AI

Een andere uitdaging in de strijd om de waarheid is de opkomst van artificiële intelligentie (AI). Die biedt zowel kansen als uitdagingen, zegt Opgenhaffen. ‘AI kan nuttig zijn bij de detectie van virale posts, maar de centrale vraag blijft of AI echte beelden kan onderscheiden van valse, zonder menselijke tussenkomst.’ Het antwoord daarop blijkt vooralsnog nee te zijn, zegt Opgenhaffen. ‘De meeste AI-tools zijn nog niet betrouwbaar genoeg. AI heeft zeker potentieel, maar voorlopig blijft het een hulpmiddel, en geen vervanging van menselijke controle.’

Ook wat een bredere verspreiding van hun factchecks betreft, moeten factcheckers aan de weg blijven timmeren. Opgenhaffen: ‘Dat betekent dat ze actief moeten zijn op platforms waar desinformatie circuleert, zoals TikTok en Instagram. Factcheckers moeten zich voortdurend aanpassen aan de manier waarop informatie in de toekomst wordt verspreid, want alleen dan kunnen ze het genre relevant houden.’

Partner Content